Project ID20F1969 is een online serie over de restauratie van een Citroën DS Break geschreven door Hans Peter Fukkink, op de sociale media ook wel bekend onder de naam JeePee. In deze reeks is het restauratieproject te volgen van een DS Break, met veel foto’s en video’s. Van afgeschreven autowrak tot de wedergeboorte van een nieuwe Citroën DS Break. Een avontuur met uitdagingen; van (de)montage, revisie, laswerk, spuitwerk tot en met de eerste proefrit. Dit is de vierde aflevering. Kijk hier voor alle tot dusverre verschenen afleveringen van project ID20F1969.

Van alles wat, behalve de motor

De vorderingen aan de Citroën ID20F Break gaan gestaag. Maar zoals bij elke restauratie zijn er ook dit keer verrassingen. Het Franse spreekwoord Un malheur ne vient jamais seul laat zich hier uitdrukkelijk gelden, vrij vertaald naar als het regent, giet het. Het motorgedeelte spartelde al een beetje tegen tijdens de demontage vanuit het chassis. Bij de ontmanteling bleek er weinig meer medewerking. De lange stilstand van de auto heeft zijn sporen achtergelaten bij de cilinderkop, veel van het aluminium is letterlijk weggevreten. Na een flinke wasbeurt blijkt het onderblok te zijn voorzien van een scheurtje. Dit is vaker het geval bij dit type onderblok. Uiteindelijk heb ik besloten om voor een vervangend onderblok en cilinderkop te kiezen.

Hier komen we gelijk op een delicaat onderwerp: gaan we een identiek onderblok aanschaffen of een exemplaar met minder bekende mankementen? Zoals eerder aangegeven wil ik een goede kwaliteit van hetgeen wat gerestaureerd/gereviseerd gaat worden. Ik ben hierin geen purist. De meest pure vorm van een onderdeel is niet altijd de beste keuze, blijf echter wel zo dicht mogelijk bij de originaliteit. Na overleg met enige kennissen is de keuze gemaakt: het wordt een DY3-blok. Dit blok is gebouwd in 1971 tot en tot en met 1975 en is destijds ook gemonteerd in het model ID20 Break.
De restauratie moet uiteraard wel doorgaan en ik besluit te starten met de revisie van al het overige kleinmateriaal. Het woord ‘klein’ moet je hierbij echter niet onderschatten! Bij aankoop was al duidelijk dat de Break niet geheel compleet was. Dit wordt pas inzichtelijk als we de aanwezige onderdelen hebben gecontroleerd. De jacht naar nieuwe of tweedehands onderdelen is een aparte en leuke fase in het restauratieproces. Het in levende lijve aanschouwen heeft mijn voorkeur in vergelijking met het huidige online gebeuren. Met name de laatste jaren wordt de onlinehandel in tweedehands onderdelen gekenmerkt door bovengemiddelde prijzen. De vraagprijs op Marktplaats of Leboncoin (de Franse versie van Marktplaats) leidt vaak tot fronsende wenkbrauwen. Ondanks dat, blijf ik bij mijn mening: niet alles wat blinkt is goud. Bepaal zelf een maximale prijs voor een benodigd onderdeel, in veel gevallen kan je het voor die prijs verkrijgen.
Geografische locaties behoeven geen belemmering te zijn. Zo ben ik ooit voor een online aangeboden Jaeger tableau zo’n 100 kilometer beneden Parijs aangeland. Op zaterdag werd dit tableau aangeboden op de site van Leboncoin, een korte mailwisseling volgde. De volgende dag om zes uur in de ochtend richting Parijs om in een klein gehucht te belanden. Ik belde aan bij een typisch achteraf Frans arbeidershuisje, de woonkamer leek ingericht als halve werkplaats. De oudere verkoper was niet echt spraakzaam. Maar het tableau was in goede conditie en wisselde van eigenaar. Na tien minuten stond ik weer buiten en zes uur later in de avond was ik weer thuis, een belevenis én een tableau rijker.
Om de focus te houden op het restaureren ben ik voor de benodigde nieuwe en tweedehands onderdelen zo’n acht jaar gelden geleden in Borculo terecht gekomen bij Citro-Classique. Zo zal iedere DS-liefhebber zijn eigen adres hebben, persoonlijk contact is veelal een van de drijfveren.
Zoals altijd is een restauratie omvangrijk. Alle losse onderdelen van de Citroën Break komen door een soort conversiestraat: ontdoen van het meeste vet en olie, demonteren, ontvetten, stralen, behandelen met roestomvormer en uiteindelijk lakken. Een omvangrijke aaneenschakeling van handelingen, met ieder onderdeel zijn geur van oud vet, olie en LHM.
Je krijgt hierdoor snel genoeg inzicht in de kwaliteit van de aanwezige onderdelen. Zelf bepaal ik van te voren de hoeveelheid van de te bewerken onderdelen om het leuk te houden. Zorg voor afwisseling en ga vooral niet eerst alle onderdelen ontvetten, hierna stralen, et cetera.
Alle aluminium onderdelen worden eerst ontvet en daarna gestraald met glasparel. Let vooral op onderdelen met afgebroken boutjes en/of tapeinden, voordat je het zal gaan behandelen met roestomvormer en lak. Voortijdig signaleren hiervan kan een hoop ellende voorkomen gedurende het montageproces. De grotere onderdelen (denk hierbij aan het slakkenhuis van de verwarming, hulpstuurhuizen, ruitenwissermechanisme, handrem, schakelmechanisme en hydraulische componenten) worden separaat gedemonteerd en schoongemaakt.

De onderdelen van de juiste zwarte lak voorzien gebeurt veelal in één handeling, je hoeft dan maar één keer de spuitbeker schoon te maken. Voor de bruine en groene lak, respectievelijk RAL 8017 en 6002, gebruik ik veelal een spuitbus. Van de onderdelen die gepassiveerd dienen te worden, maak ik meestal één grote verzameling. Het voordeel hiervan is dat je het als één partij kan aanbieden bij het galvanisatiebedrijf, de kans dat iets kan verdwijnen is hierdoor minimaal. Sinds een paar jaar doe ik ook zelf al het polijstwerk van bumpers, dakranden, imperiaal, wieldoppen, kleppendeksel en overig chroom of RVS. Een behoorlijk arbeidsintensieve klus, maar ontzettend dankbaar.

In de tussentijd verkrijgt je inzicht van alle missende of defecte onderdelen, het werkplaatshandboek is hierbij een prima hulmiddel. In mijn geval gebruik ik het boek Citroën Modelés D 1966 à 1969 Pieces Detachées, goed voor een kleine duizend pagina’s lees- en kijkplezier.
De kunststof onderdelen van de Franse dame hebben de tand des tijds redelijk doorstaan. Maar door inwerking van uv-licht kan de originele kleur flink verbleekt zijn. De binnenste kunststof klinken van de portieren zijn hier een mooi voorbeeld van. Een nieuwe kunststof versie is niet te verkrijgen, NOS-onderdelen zijn zeer zeldzaam en kostbaar. Afwijkend van het origineel heb ik besloten om de binnenklinken te vervangen door nieuwe chromen exemplaren. Op de naastliggende foto kan je de inwerking van het uv-licht goed zien op de bovenzijde van de klink aan de linkerzijde. De klink op de foto aan de rechterzijde is de onderzijde en geeft nog een goede indruk van de originele kleur. In het midden ligt een voorbeeld van een vervangend (verchroomd) exemplaar.

In de tussenliggende periode heb ik ook nog een beslissing genomen over de bekleding van de Break. De stoelen, banken en deurpanelen waren bij de aankoop niet aanwezig, dus een indicatie van de mogelijk originele kleur van de bekleding heb ik niet. Ik heb me laten leiden door een combinatie die ik persoonlijk mooi vind: de carrosserie van deze Franse dame behoudt haar originele kleur Vert Charmille (AC522), de originele kleur. De ruiten wordt vervangen door een getinte versie en de bekleding zal worden uitgevoerd in een bruin lederen cognackleur.
Intussen zijn ook de gepassiveerde onderdelen teruggekomen van het galvanisatiebedrijf. Het is altijd een mooie ervaring om van al die verroeste bouten, moeren en onderdelen een nagenoeg nieuwe versie terug te krijgen. Vooral de boutjes die voorzien van het Citroën-logo zijn een genot voor het oog en een eyecatcher na het montageproces.
Ik kan beginnen aan het monteren van alle losse onderdelen, waaronder het slakkenhuis van de verwarming. De twee kunststofdelen van het slakkenhuis zijn veelal verkleurd en aangetast, met een goede kunststof primer en zwarte twee-componentenlak kunnen deze worden omgetoverd tot nagenoeg nieuwe exemplaren. De bijbehorende kachelradiateur vervang ik door een nieuw groot model.

De gebruikte technieken en oplossingen in de fabricagejaren van de Citroën ID en DS zijn benoemingswaardig. Niet alleen de hydrauliek en de bijbehorende componenten, maar ook de alledaagse dingen: als voorbeeld de ruitenwissermotor. Een combinatie van overbrengingen, ankers, magneten, tandwielen en sleepcontacten. Het reviseren van zo’n onderdeel is uitdagend en dankbaar. Veelal is het oude vet bij het wormtandwiel volkomen uitgehard en de buitenmantel van de (in ons geval) zes aansluitdraden geheel vergaan. Uiteindelijk wordt het weer een goed functionerend geheel en weer geschikt voor jarenlang gebruik.

In de video hierboven is te zien hoe de veelheid van onderdelen weer als nieuw worden. Dit soort werkzaamheden is voor de ene persoon een uitdaging, de ander kan er behoorlijk onrustig van worden. Zoals een oud-collega tijdens een tussentijds bezoek zei: ,,ik zal geen oog meer dicht doen en veel te bang zijn dat ik het overzicht kwijt zal raken.” Ach ja, ieder zijn eigen meug. De volgende keer gaan we verder met de revisie van de veercilinders, remplateaus en de hydraulische leidingen. De hydraulische druk gaat flink oplopen!

à suivre,
Hans Peter Fukkink (JeePee)